Cijferrapport

Aanvragen crisisjeugdhulp en niet-rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp

Ga snel naar...

Cijfers over aanvragen crisisjeugdhulp en niet-rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp

Cijfers op maat

Ontdek welke bronnen we gebruiken voor onze kwaliteitsvolle data.

Achtergrondinformatie en documentatie
Voor aanvragen jeugdhulp beschikt het agentschap Opgroeien over data met betrekking tot aanvragen voor crisisjeugdhulp bij de crisismeldpunten, aanvragen voor niet rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp bij de intersectorale toegangspoort en aanvragen voor time-out in de gemeenschapsinstellingen bij het centraal aanmeldingspunt (CAP). Voor rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp zijn het de private organisaties zelf die de aanmeldingen bijhouden, deze komen niet aan bod in dit rapport. Dit rapport bevat cijfers over het aantal aanvragen, kenmerken van de kinderen en jongeren die een hulpvraag stellen (o.a. geslacht, leeftijd, handicap) en wat het resultaat van de aanvraag is. Qua resultaat kan het gaan om een opstart van hulp of het registreren van de reden waarom geen aanbod mogelijk is. Het antwoord op de hulpvraag kan voor de intersectorale toegangspoort ook zijn dat jeugdhulpregie bepaalde acties opzet om hulpverlening te faciliteren.

Aanvragen bij het crisismeldpunt

De crisismeldpunten ontvangen 7 dagen op 7 en 24 uur op 24 crisisvragen van professionelen en cliënten. In de eerste plaats bieden ze telefonisch consult, indien nodig kunnen ze ook zelf een interventie opstarten. Wanneer specifieke crisisjeugdhulp noodzakelijk is, zoeken ze geschikte hulp in het crisisnetwerk. Alle vragen waarvoor het meldpunt op zoek gaat naar crisishulp binnen het crisisnetwerk worden geregistreerd als ‘dispatch’, de andere vragen waarbij ze als meldpunt enkel consult bieden worden geregistreerd als ‘afgesloten als consult’. Om een totaalbeeld te krijgen van het aantal vragen naar crisisjeugdhulp moet het aantal crisisvragen afgesloten als consult en aantal crisistrajecten (dispatch) samen bekeken worden. 

Het aantal crisisvragen stijgt jaar na jaar, in 2024 blijft dit het geval met 18.034 crisisvragen in totaal (+8% in vergelijking met 2023). De sterkte van de stijging verschilt wel tussen consultvragen (+3%) en vragen waarvoor gezocht wordt naar hulp in het crisisnetwerk (+14%). Uit nadere analyse blijkt dat in tegenstelling tot vorig jaar toen dit constant bleef ook het uniek aantal aangemelde kinderen en jongeren in 2024 waarvoor hulp werd gezocht toeneemt (5201, +10%).  Het aantal heraanmeldingen blijft constant, ongeveer 1/3 van alle unieke minderjarigen heeft meer dan 1 traject, waarbij 4% 5 of meer trajecten had in 2024. We spreken van een crisistraject vanaf het crisismeldpunt op zoek gaat naar hulp tot wanneer de crisishulp eindigt enerzijds, anderzijds wanneer er geen hulp gevonden wordt of de vraag vervalt. (zie cijfers op maat)

Een analyse naar leeftijd en geslacht (bovenstaande figuur) leert dat het aantal crisisvragen in 2024 bij alle categorieën het hoogst ligt sinds de metingen; zowel bij meisjes en jongens, als bij kinderen jonger en ouder dan 12 jaar. Vooral de stijging van crisisvragen voor adolescente meisjes in 2021 springt in het oog. Deze werd gelinkt aan de corona crisis, maar blijft ook in 2024 nog op hetzelfde niveau. In vergelijking met 2023 valt vooral op dat de stijging zich in 2024 overal voordoet maar minder sterk bij de meisjes jonger dan 12 jaar (+4%), die eveneens de kleinste groep uitmaken.  

Resultaat na bevraging van het crisisnetwerk

Het aantal unieke kinderen en jongeren waarvoor hulp is opgestart bedraagt 2.673 in 2024, wat voor het eerst in drie jaar een stijging is (+- 12%). In vergelijking met 2017 is er een stijging met 31%. Dit is grotendeels toe te schrijven aan de extra investeringen in de crisisnetwerken. Er zit zelfs nog een onderschatting op de cijfers van 2024 omdat een aantal opstartende initiatieven hun extra aanbod niet van bij de start correct geregistreerd hebben (zie cijfers op maat).


Het aantal kinderen en jongeren waarvoor aanbod volzet werd geregistreerd, is gestegen met 11% in vergelijking met 2023. De stijgende trend sinds de start van de metingen houdtaan. Dit verklaart ook voor een deel het grote aantal heraanmeldingen bij het crisismeldpunt.  Een jongere die geen hulp heeft gekregen, wordt regelmatig opnieuw aangemeld op een later moment in het jaar. Een jongere kan in beide grafieken geteld worden, als die in hetzelfde jaar zowel een vraag had waarvoor die hulp gekregen heeft als een vraag waarvoor geen hulp geboden werd doordat het aanbod volzet was.  
 

Aanvragen niet-rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp

Het aantal kinderen en jongeren met een aanmelding bij de intersectorale toegangspoort door middel van een A document is in 2024 gedaald naar 14.870 (-2,6%). Het betreft hier ongeveer 0,68% van de bevolking (0-25 jaar). Daar zitten ook een aantal heraanmeldingen bij. Kijken we enkel naar het aantal kinderen en jongeren met een nieuwe hulpvraag, dan stellen we vast dat die in 2024 (12.314) in vergelijking met 2023 (12.876) gedaald zijn met 4%. Dit heeft vooral te maken de transitie van een aantal zorginternaten van Onderwijs naar Opgroeien en het VAPH. Alle kinderen en jongeren die er op internaat zaten of op een interne wachtlijst stonden, zijn aangemeld bij de intersectorale toegangspoort om migratie van gegevens te volbrengen (1.388) in 2023. Als we daarentegen 2024 gaan vergelijken met het jaar voor de transitie, 2022, dan zien we een stijging van het aantal ingediende A-documenten met 12% (13.249 in 2022) en nieuwe hulpvragen met 15% (10746 in 2022). Deze toename is gespreid  over leeftijd, sector en regio.  

 

Cijfers over aanmelders en de aard van de hulpvragen zijn te vinden in cijfers op maat.

Opstart niet-rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp

Het grootste deel van de kinderen en jongeren waarvoor jeugdhulp opstartte in 2024, kon een beroep doen op hulp van een jeugdhulpvoorziening of via pleegzorg (6.430 in 2024). Een beperkt aantal kreeg een persoonsvolgend aanbod, zoals een persoonlijk assistentiebudget (PAB: 244) of een persoonsvolgende convenant (PVC: 33).  
 

Het aantal unieke kinderen en jongeren met opgestarte hulp daalde net als de nieuwe hulpvragen, van 7.246 in 2023 naar 6.430 in 2024. Dit heeft opnieuw te maken met de inkanteling van de zorginternaten in 2023, waarbij de hele populatie om technische redenen is meegeteld bij opstart verblijf Opgroeien of VAPH. In vergelijking met 2022 is er  sprake van een stijging met 818 (+15%) unieke minderjarigen waarvoor hulp werd opgestart, hierbij is de toename van het aantal kinderen en jongeren voor wie een pleeggezin gevonden werd de belangrijkste factor. 
 

Cijfers over welke niet rechtstreeks toegankelijke hulp opstartte zijn terug te vinden in de cijfers op maat.   Meer info over pleegzorg is terug te vinden in het pleegzorgrapport 

Wachtenden niet-rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp

Op 31 december 2024 stonden in totaal 9.194 kinderen en jongeren op een NRTJ-wachtlijst (exclusief Persoonlijke assistentiebudget (PAB)). Dat zijn er ongeveer 8 procent meer dan in 2023 (8.545). Die stijging is te verklaren door een stabiele instroom van vragen in combinatie met een tragere opstart van hulp. Iets meer als de helft van de wachtenden krijgt ondertussen andere niet rechtstreeks toegankelijke hulp of heeft die gekregen. Daarnaast  kan er ook rechtstreeks toegankelijke hulp lopen, wat blijkt uit wetenschappelijk onderzoek, maar dat cijfer is voor 2024 niet ter beschikking. 
 

In cijfers op maat zijn meer detailgegevens over leeftijd, geslacht, handicap, aard van de hulp en regio terug te vinden. 
 

Het aantal wachtenden op een persoonlijk assistentiebudget (PAB) is in 2024 voor het eerst sinds  2019 gestegen en wel met 44 %. Bij deze cijfers is het goed om weten dat jongeren die wachten op een PAB ook van een andere NRTJ-hulpvorm gebruik kunnen maken. In 2024 maakte 29% van de kinderen en jongeren die stonden te wachten op een PAB eveneens gebruik van niet rechtstreeks toegankelijke jeugdhulp van een voorziening, waar dit het jaar voordien nog 45% was. De vragen naar P.A.B. zijn toegenomen en de opstart niet, bij de nieuwe vragen zit een groter aandeel mensen die nog geen NRTJ hulp krijgen. 

Faciliteren van hulp in complexe trajecten door jeugdhulpregie

Het team jeugdhulpregie van de intersectorale toegangspoort zorgt voor de matching van kinderen en jongeren met een hulpvraag aan voorzieningen die hulp aanbieden. Jeugdhulpregie heeft een aantal instrumenten om de opstart van jeugdhulp in complexe trajecten te faciliteren. Er kunnen extra middelen toegekend worden om zorg op maat te installeren via  intersectorale prioritaire hulpvragen (IPH) middelen en een persoonsvolgend convenant (PVC) kan zorg vanuit het VAPH met rugzakfinanciering laten opstarten. We zien in 2024  207 kinderen en jongeren met IPH-middelen, een lichte daling (-6%) en 33 met een persoonsvolgende convenant, eveneens een daling (-15%). Voorheen konden er ook een beperkt aantal casussen aan de intersectorale zorgnetwerken worden toevertrouwd. Deze zijn in 2024 overgegaan in de hulpprogramma’s geblokkeerde ontwikkelingstrajecten, vandaar dat er geen nieuwe cijfers zijn voor 2024. 
 

Aanvragen time-out vanuit het centraal aanmeldpunt

Het centraal aanmeldpunt ontvangt de aanvragen voor een plek in de gemeenschapsinstellingen. Naast de vragen gerelateerd aan het decreet jeugddelinquentie betreft het hier ook vragen tot time-out. Een voorziening jeugdhulp kan wanneer het erg moeilijk loopt met een jongere, een time out voor 14 dagen aanvragen waarbij er aan herstel gewerkt wordt tussen voorziening en jongere. Er werden 956 aanvragen voor een time-out behandeld (status quo t.o.v. 2023). In 2024 werden er 648 time-out trajecten opgestart door het centraal aanmeldpunt (+2,9%). 

Ook interessant
Nog niet gevonden wat je zocht?
Vraag het aan team Datamanagement
Diederik Vancoppenolle, wetenschappelijk adviseur Opgroeien

Team Datamanagement bundelt wetenschappelijk onderzoek en datarapportering en -monitoring. 

Team Datamanagement