Inspiratiebrochure toezicht en handhaving

Het BOA-decreet geeft lokale besturen de regierol over het BOA-beleid, inclusief toezicht en handhaving van het erkende BOA-aanbod. Toezicht en handhaving zijn cruciaal om een kwaliteitsvol aanbod te garanderen. Je zorgt lokaal voor een werkbare aanpak op maat van de lokale context.

Kernprincipes en randvoorwaarden

Toezicht en handhaving geef je lokaal vorm. Deze kernprincipes geven richting en dragen bij aan een transparante en zorgvuldige aanpak:

  • Werk vanuit partnerschap en vertrouwen tussen het lokale bestuur en de BOA-organisatoren.
  • Zorg voor duidelijke rollen, verantwoordelijkheden en relaties tussen de betrokken partijen.
  • Bouw de expertise en kennis over de verschillende sectoren in het BOA-landschap uit als basis voor toezicht en handhaving.
  • Investeer in een kwaliteitsvolle organisatie van toezicht en handhaving, onder andere door voldoende capaciteit te voorzien, duidelijke processen uit te werken en de functiescheiding te bewaken.
  • De veiligheid en integriteit van de kinderen beschermen is het fundament van toezicht en handhaving in BOA.

Aanpak

Ondersteunen

Lokale besturen hebben vanuit hun regierol een belangrijke opdracht om BOA-organisatoren te ondersteunen in hun groei naar kwaliteit. Hoe wil je lokale organisatoren helpen en met welk doel? Er zijn verschillende mogelijkheden zoals informeren, coaching en kennisdeling en intervisie organiseren.

Toezicht houden

Via toezicht ga je periodiek evalueren, opvolgen en controleren of het BOA-aanbod voldoet aan de voorwaarden van het erkenningskader en of de organisator de doelstellingen in de praktijk realiseert. Zorg voor een duidelijke en transparante aanpak, en verken de verschillende toezichtsinstrumenten.

Handhaven

Als uit vaststellingen, via toezicht, blijkt dat de organisator de voorwaarden niet of onvoldoende opvolgt, dan is het de opdracht van het lokale bestuur om te handhaven. Met formele handhavingsinstrumenten stuur je de werking bij, dwing je de naleving van de regels af of beëindig je situaties die niet aanvaardbaar of niet veilig zijn. Zorg voor een goed handhavingsbeleid, waarin duidelijk is wie wat doet, welke stappen wanneer gezet worden en welke instrumenten ingezet worden.