Onderwijskansen versterken

Huiswerk- en studieondersteuning

Huiswerk- en studieondersteuning krijgt pas echte meerwaarde wanneer ze vertrekt vanuit een gedeelde verantwoordelijkheid van onderwijs- en welzijnsinstanties én ouders. Zo kunnen deze initiatieven bijdragen aan een kwaliteitsvolle, betekenisvolle schoolloopbaan en optimale ontwikkelingskansen voor alle kinderen en jongeren.

Wat is huiswerk- en studieondersteuning?

Huiswerk- en studieondersteuning omvat alle inspanningen van vrijwilligers, leerlingen en hun omgeving en de school om de gekwalificeerde uitstroom te vergroten. Vrijwilligers versterken leerlingen en hun context in hun schoolse vaardigheden en ondersteunen hen in hun leerloopbaan binnen het partnerschap school-gezin

  • Vertrekt steeds vanuit een leervraag, maar wordt vaak breder ingevuld met aandacht voor:
    • de ruimere gezinscontext;
    • randvoorwaarden die het leer- en leefklimaat beïnvloeden;
    • onderliggende ondersteuningsnoden zoals psychosociaal welzijn of financiële uitdagingen;
  • Vorm en setting: individueel of kleine groep, thuis, op school of in de buurt (bibliotheek, buurthuis). Sommige initiatieven brengen meerdere gezinnen samen en werken tegelijk netwerkversterkend.
  • Duur: trajecten worden vooraf afgebakend, met een minimum van ongeveer acht sessies voor voldoende verbinding en impact.

Doel en effect

Onderwijs en welzijn worden vaak apart benaderd, maar delen in essentie dezelfde ambitie: rechten en ontplooiingsmogelijkheden van kinderen en jongeren realiseren. Beleidskaders zijn hiervoor aanwezig, maar in de praktijk lukt het niet altijd om die ambitie waar te maken binnen de bestaande onderwijscontext. 

Hieruit groeide de vraag naar huiswerkbegeleiding en andere ondersteuningsinitiatieven naast en rond de school. Die initiatieven spelen in op reële noden, maar brengen ook belangrijke vragen met zich mee. 

  • Beschouwen ondersteuningsinitiatieven ‘achterstand’ als een louter cognitief, of ook als een sociaal probleem?
  • Beperken de ondersteuningsinitiatieven zich tot tijdelijke, kortdurende ondersteuning bij het leren, of hebben ze een duurzame impact op de ontwikkeling van kinderen en jongeren?
  • Spitsen de ondersteuningsinitiatieven zich vooral toe op het zelfredzaam maken van kinderen en ouders, of versterken ze ook de structurele voorwaarden voor ontplooiing en participatie?
  • Leiden de ondersteuningsinitiatieven tot het afschuiven van verantwoordelijkheden van structurele actoren, of stimuleren ze juist een gedeeld engagement tussen school, ouders en welzijnsactoren?

Samenvattend, ligt professionals de vraag voor: hoe kan huiswerk- en studieondersteuning werkelijk bijdragen aan de belangen, ontplooiingskansen en toekomstperspectieven van kinderen, binnen en buiten school?

Vrijwillig en gedragen door gezinnen

Cruciaal is dat de ondersteuning vrijwillig is en gestuurd wordt door de gezinnen zelf. De aanmelding kan gebeuren via ouders, school, CLB of welzijnsactoren, maar tijdens de intake staan de vragen van kinderen en ouders centraal.

Een zorgvuldige intake is essentieel. Daarbij wordt stilgestaan bij:

  • de verwachtingen van ouders en kinderen;
  • de betekenis die zij geven aan huiswerk(begeleiding);
  • de doelstellingen en werkwijze van het initiatief.

Afstemming met school

Scholen nemen vaak een toeleidende rol op en stellen soms ook ruimte ter beschikking. In sommige praktijken is er bewust geen rechtstreeks contact tussen begeleiders en school, om communicatie over de hoofden van ouders heen te vermijden. Ouders worden dan ondersteund om zelf het gesprek met de school aan te gaan. Meer over de principes van wederkerige dialoog en gelijkwaardig partnerschap in ouderbetrokkenheid lees je hier.

Waar wel afstemming met school gebeurt, is transparantie belangrijk: over wat gedeeld wordt, met welk doel en met wie. Sommige initiatieven kiezen voor korte feedbackverslagen, zowel als reflectie-instrument voor begeleiders als om het leerproces op te volgen. Ouders worden hier idealiter bij betrokken.

Andere projecten zetten sterker in op structureel overleg tussen school, gezin en ondersteuningsinitiatief, om de blijvende rol van de school in het leer- en ontwikkelingsproces te benadrukken. 

Rol van vrijwilligers

Huiswerk- en studieondersteuning werkt dankzij de inzet van vrijwilligers en studenten, vaak binnen het kader van hun opleiding (bijvoorbeeld orthopedagogie, sociaal werk, lerarenopleidingen, logopedie). Voor een kwaliteitsvolle begeleiding is belangrijk dat zij:

  • Gecoacht en begeleid worden via opleidingen en intervisie
  • Vertrouwen en wederkerigheid opbouwen met kind en gezin, zonder de ouderrol over te nemen
  • Hun eigen referentiekaders in vraag durven stellen en een armoedebewuste, krachtenversterkende houding aannemen
  • Ondersteuningsnoden signaleren en deze bespreekbaar maken met ouders en school

Naast vrijwilligerswerk blijft het noodzakelijk in te zetten op een structurele samenwerking en krachtenbundeling op lokaal niveau. Alleen op die manier kunnen scholen, welzijnsactoren en andere partners samen ongelijkheden duurzaam aanpakken en de ontplooiingskansen van kinderen en jongeren maximaliseren.

Samenspel tussen onderwijs, welzijn en gezin

Huiswerk- en studieondersteuning werkt het krachtigst in samenspel met gezinnen én scholen. Vanuit het vertrouwen met gezinnen ontstaan hefbomen om ook het partnerschap tussen ouders en school te versterken.

Dat samenspel helpt om:

  • elkaars perspectieven op leren, onderwijs en ondersteuning beter te begrijpen;
  • gezamenlijke doelen te formuleren;
  • duurzame ontplooiingsmogelijkheden voor kinderen te realiseren.

Voorbeelden van thema's waarop expertise kan worden uitgewisseld en die professionals stimuleren om kritisch te reflecteren op hun eigen praktijk binnen welzijn en onderwijs:

  • Hoe wordt ingespeeld op de bestaande maatschappelijke diversiteit, zodat elk kind zijn of haar capaciteiten en talenten optimaal kan ontwikkelen?
  • Op welke manier wordt interactie met gezinnen vormgegeven, en hoe wordt een wederkerig partnerschap en cultuur van dialoog met ouders bevorderd? (Zie hoofdstuk Ouderbetrokkenheid)
  • Welke visie bestaat er op huiswerk: wordt het gezien als doel op zich, of als middel om communicatie en samenwerking tussen school en gezin te versterken?
  • Hoe inzetten op een rijke interactie en leerstimulansen in meertalige thuismilieus (in plaats van louter op ‘meer Nederlands spreken met je kind’) én daarnaast een kwaliteitsvol en rijk Nederlands taalaanbod aanbieden in de school en in andere omgevingen?
  • Hoe sluit het beleid rond huiswerk, ouderbetrokkenheid, armoede en zorg aan bij de leefwereld en ervaringen van diverse gezinnen?

In de praktijk blijkt het voor initiatiefnemers echter niet vanzelfsprekend om samen met scholen een gedeeld engagement op te nemen en samen visie te ontwikkelen. Bovendien blijft belangrijk om deze samenwerking te verbinden met aandacht voor structurele ongelijkheden en de bredere maatschappelijke context