Dak- en thuisloosheid aanpakken bij jongvolwassenen

Profiel van dak- en thuisloze jongeren

Om een effectief, zowel preventief als curatief beleid ter bestrijding van dak- en thuisloosheid van jongvolwassenen te kunnen uitwerken is het noodzakelijk om beter te begrijpen wie deze jongeren zijn, wat ervoor gezorgd heeft dat zij zich momenteel in een situatie van dak- en thuisloosheid bevinden, wat hun noden en wensen zijn.

Verschillen tussen jongeren en volwassenen

Enkele kenmerken van dak- en thuisloze jongeren in vergelijking met 26-plussers:

  • 38,9 % is vrouw (tegenover 29,4 % bij 26-plussers)
  • 51,6 % ontvangt een leefloon (tegenover 34,5 %)
  • 45,9 % leeft in verborgen dakloosheid (tegenover 30,8 %) — zij verblijven noodgedwongen bij vrienden of familie
  • 37,4 % noemt conflicten met familie of vrienden als oorzaak (tegenover 12,3 %)

Jongvolwassenen (18-25 jaar) die in de openbare ruimte slapen, vormen dus slechts een klein zichtbaar deel van de problematiek. Veel jongeren proberen hun situatie te verbergen en ‘normaal’ te blijven functioneren, waardoor ze ondanks hun grote aantal vaak onder de radar blijven in beleid en hulpverlening.

Drie hoofdprofielen

Dak- en thuisloze jongvolwassenen zijn een diverse groep, met drie vaak voorkomende profielen:

1. Jeugdhulpverlaters (24,2 %)

Deze jongeren kampen vaker met psychische problemen, verslaving of een verstandelijke beperking. Dak- of thuisloosheid ontstaat vaak na het verlaten van een instelling of door conflicten met hun netwerk.

2. Belgische jongvolwassenen zonder hulpgeschiedenis (29,4 %)

Zij verbleven niet in jeugdhulp of psychiatrie, maar groeiden vaak op in moeilijke thuissituaties. Meer dan de helft verblijft tijdelijk bij familie of vrienden. Hun dakloosheid hangt meestal samen met familiale conflicten en woononzekerheid. Soms is het voor hen een kwestie van 'overleven' tot ze oud genoeg zijn om zelf weg te gaan of tot hun ouders hen uit huis zetten.

3. Nieuwkomers (30,4 %)

Jongvolwassenen zonder Belgische nationaliteit, vaak met een vluchtgeschiedenis (o.a. Afghanistan, Eritrea, Syrië). Ze verblijven vaak in onconventionele woonvormen, zoals woningen zonder huurcontract. Ze hebben vaak geen inkomen en worden voornamelijk dak- of thuisloos door immigratie en het verlies van hun woonplek.

Risicofactoren en oorzaken

Dak- en thuisloosheid bij jongeren ontstaat zelden plots. Meestal gaat het om een opeenstapeling van ingrijpende gebeurtenissen in combinatie met structurele en institutionele drempels. De oorzaken verschillen bovendien van die bij volwassenen, omdat jongeren zich in een kwetsbare ontwikkelingsfase bevinden en vaker te maken krijgen met gezins- en overgangsproblemen.

1. Individuele en relationele factoren

Conflicten binnen het gezin of met het netwerk spelen een centrale rol. 37,4 % van de jongvolwassenen noemt conflicten met familie of vrienden als directe aanleiding. Ook relatieproblemen (15 %), psychische problemen (10,2 %), trauma, mishandeling, verwaarlozing en middelengebruik verhogen het risico. 

2. Structurele factoren

Armoede, financiële instabiliteit binnen het gezin en sociale uitsluiting zijn belangrijke risicofactoren voor jongeren dak- en thuisloosheid. Daarnaast vormt een gebrek aan betaalbare huisvesting een structurele barrière voor duurzame woonzekerheid, en versterkt het risico op dakloosheid. 

3. Institutionele factoren

Ook de organisatie van hulpverlening kan onbedoeld risico’s versterken. Jongeren die uitstromen uit jeugdhulp, residentiële zorg of detentie ervaren vaak een breuk in begeleiding. Het ontbreken van continuïteit tussen jeugdhulp en volwassenenhulp en het wegvallen van ondersteuning bij het bereiken van de meerderjarigheid vergroten de kans op woonverlies.

Gerelateerde thema's