“We wegen problematieken en draagkracht altijd heel zorgvuldig af"

Sinds begin 2026 gebruiken jeugdhulporganisaties het capaciteitsbeheersysteem van Opgroeien om zicht te geven op hun al dan niet beschikbare bedden. Dat helpt bij de matching van hulpvragen voor kinderen en jongeren aan het hulpaanbod. Het biedt ook nuttige beleidsinformatie voor een gerichtere inzet van capaciteit. Vzw Jeugdzorgcentrum geeft ons een inkijk.

Vzw Jeugdzorgcentrum gebruikt, net als 150 andere jeugdhulporganisaties, het capaciteitsbeheersysteem. Met de principes ervan waren ze voordien al vertrouwd. De meerwaarde van het systeem zit vooral in de bredere uitrol in de sector en in de rechtstreekse dialoog die het meebrengt tussen voorzieningen en Opgroeien.  

Nathalie V.: “We hadden ook voor de invoering van het systeem al een goed zicht op ons beschikbaar aanbod en een goede samenwerking met het team Jeugdhulpregie van Opgroeien. We maken altijd een zorgvuldige afweging: wat gebeurt er als er in deze leefgroep nog een jongere bijkomt? Soms is dat even niet mogelijk. We hebben een verantwoordelijkheid naar de samenleving, maar ook naar de veiligheid in de leefgroep. Onze contactpersonen bij jeugdhulpregie houden daar rekening mee. Ze erkennen onze kennis en ons advies.” 

Bouwen aan partnerschap

Het capaciteitsbeheersysteem is een van de eerste verwezenlijkingen uit het plan jeugdhulp. De tool geeft een beter zicht op beschikbare plaatsen bij voorzieningen. Dat helpt bij een betere en snellere toeleiding van kinderen en jongeren naar een geschikt hulpaanbod. Tegelijk is het een hefboom om in dialoog te gaan met voorzieningen, en zo beter te begrijpen wat wel of niet haalbaar is voor een jeugdhulporganisatie.  

Die dialoog draagt ook bij aan partnerschappen, met de gedeelde zorg voor kinderen en jongeren als focus. Open plaatsen stromen ‘in real time’ door naar het systeem. Is er niet meteen een beschikbare plek? Ook dan blijven medewerkers zoeken naar wat wel mogelijk is voor kinderen en jongeren via warm wachtbeheer. 

Tussen de verhuisdozen

Nathalie en Nathalie in gesprek over het capaciteitsbeheersysteem

Nathalie V. is halftijds pedagoog in een van de leefgroepen. Daarnaast doet ze als interne regisseur het werk achter de schermen voor het wachtlijstbeheer en de in- en uitschrijvingen. 

We spreken haar en directeur Nathalie N. tussen de verhuisdozen in leefgroep Hagenhoven, de afdeling in Kinrooi waar de kinderen -12 jaar verblijven. Het zijn de laatste weken van deze afdeling in dit gebouw. In juli 2026 verhuist de afdeling: een deel gaat naar het gebouw in Bree, een deel naar de nieuwbouw in Maaseik. 
 
Het centrum heeft een erkenning voor zesendertig residentiële plaatsen voor kinderen en jongeren van 0 tot 25 jaar. Allemaal bevinden ze zich in een verontrustende thuissituatie. De jongste is vier, de oudste bijna 21.

Nathalie N.: “We hebben nu nog vier locaties: drie residentiële huizen waar kinderen en jongeren van 0 tot 25 jaar verblijven, en een dagcentrum waar kinderen na school en tijdens vakantieperiodes komen. We evolueren naar twee huizen, op twee locaties: een in Bree met een leefgroep 0-12 jaar en een leefgroep 12-25 jaar, en een in Maaseik met dezelfde opbouw plus een dagcentrum.”  

“Vijf jaar geleden hebben we beslist om naar kleinere leefgroepen te gaan. We zaten op elf à twaalf kinderen en jongeren per leefgroep, maar nu gaan we naar leefgroepen van maximum zeven kinderen. Daar zien we veel meerwaarde in, in de eerste plaats voor de zorg en veiligheid die we zo kunnen bieden.”  

Zo weinig mogelijk breuken

Nathalie V.: “Voor jongeren die langdurig bij ons verblijven, is het een voordeel dat ze op dezelfde locatie zullen kunnen doorstromen: van de jongste leefgroep naar de pubergroep, naar kamertraining en zelfs zelfstandig wonen.”

Nathalie N.: “Nu moeten broers en zussen soms verhuizen wanneer ze twaalf worden en naar de volgende leefgroep gaan. Binnenkort verblijven ze onder één dak. We proberen zo weinig mogelijk breuken te hebben. Jongeren kunnen van instroom tot uitstroom in hetzelfde huis blijven, in dezelfde regio, met dezelfde vrienden en school. Net zoals de continuïteit in de begeleiding: dezelfde contextbegeleider en pedagoog kunnen het hele traject meevolgen.”

“We proberen zo weinig mogelijk breuken te hebben. Jongeren kunnen van instroom tot uitstroom in hetzelfde huis blijven, in dezelfde regio, met dezelfde vrienden en school”
Nathalie N., directeur vzw Jeugdzorgcentrum

Wat zijn jullie ervaringen met het capaciteitsbeheersysteem?

Nathalie V.: “We gebruiken het sinds de start begin 2026. Het is een eenvoudig systeem om gegevens in te voeren en het sluit ook goed aan bij onze manier van werken. Het bevestigt en versterkt de korte communicatielijn die we al hadden met jeugdhulpregie: wanneer een bed vrijkomt, of de wachtlijst dezelfde blijft, of er andere kandidaten zijn … Voor ons veranderde er tot nog toe dus weinig.” 

“Het belang van dialoog kunnen we alleen maar bevestigen. Door de druk op crisisbedden checken we altijd eerst of we de volgorde van onze wachtlijst mogen aanhouden, of er andere kinderen en jongeren zijn die voorrang krijgen. Ook al hebben we een hoge bezettingsgraad, soms kunnen open bedden niet ingevuld worden. Door de draagkracht van de leefgroep, omwille van de veiligheid, of door praktische redenen zoals vervoer naar school dat soms moeilijk te regelen is, waardoor jongeren elke schooldag te lang onderweg zouden zijn. We zoeken liefst naar een zo haalbaar mogelijke match langs twee kanten.” 
 
“Ook de balans in problematieken - zoals meerdere jongeren met suïcidaliteit of automutilatie - bepaalt of een nieuwe jongere kan instromen. We bewaken dat intern zorgvuldig.”

Op welke manier ervaren jullie druk?

Nathalie N.: “De complexiteit van de problemen neemt al jaren toe en het trauma is groot, zeker bij jonge kinderen. Dat baart ons zorgen. Jongeren komen vaak pas in residentiële zorg terecht wanneer alle andere opties uitgeput zijn, waardoor situaties zwaar en kwetsbaar zijn. Veel jongeren hebben nood aan één‑op‑één begeleiding, prikkelarme ruimtes of intensieve ondersteuning, wat de druk op de leefgroepen en onze medewerkers verhoogt.” 

Nathalie V.: “We zitten helemaal aan het einde van de hulpverleningsketen. Dat heeft gevolgen. Het vertrouwen in de gezinnen heeft al eens deuken opgelopen, en soms zijn alleen nog begeleide bezoeken mogelijk. Tijdens de weekends kunnen kinderen en jongeren vaak niet naar huis. Ook daarom zijn die kleinere leefgroepen zo belangrijk; ze zorgen voor meer rust en veiligheid.” 

“Veel jongeren kunnen niet samen door prikkels of drukte. De ene heeft constante regulatie nodig, de andere een prikkelvrije ruimte, de volgende net meer stimulatie. Dat is moeilijk met dezelfde personeelsomkadering. We werken veel met vrijwilligers, zeker voor de jongere kinderen. Dat helpt, maar het is eigenlijk noodzakelijk.” 

Soms vullen we een bed tijdelijk niet in door de draagkracht van de groep. Bijvoorbeeld na veel agressie of crisissen. Dan is er nood aan adempauze. Jongeren worden hier geplaatst omdat het thuis onveilig is en daarom willen we hier voor hen een veilige omgeving creëren. Daarom wachten we soms bewust.” 

“We waken over zowel een gezond werkklimaat voor onze medewerkers als een positief leefklimaat voor onze kinderen en jongeren ”
Nathalie V., pedagoog en interne regisseur vzw Jeugdzorgcentrum

Nathalie V: “Meestal is het tijdelijk: als er personeelsuitval is laten we af en toe ook tijdelijk een bed vrij. Bijvoorbeeld na agressie‑incidenten of bij een opeenstapeling van zware situaties. Dat heeft een zware impact voor iedereen.” 

“We hebben een regiecomité waarin ik met leidinggevenden en pedagogen bekijk wat haalbaar is. We wegen problematieken en draagkracht altijd heel zorgvuldig af. Dat staat garant voor zowel een gezond werkklimaat voor onze medewerkers als een positief leefklimaat voor onze kinderen en jongeren.”