Wat met jongeren die al een uitgangsregeling hadden?

De uitgaansregeling van de gemeenschapsinstellingen wordt hernomen.

Wat houdt dat in?

De eerste weken van zijn verblijf blijft de jongere binnen de gemeenschapsinstelling. Hierop zijn slechts een paar uitzonderingen, zoals het verschijnen voor de jeugdrechter, het bijwonen van een begrafenis of een medische reden. Na verloop van tijd kan de jongere deelnemen aan activiteiten buitenshuis, afhankelijk van het regime (open of gesloten), zijn gedrag, het soort uitstap …

  • Jongeren in open regime kunnen na twee weken deelnemen aan extramurale activiteiten met toezicht. Ten vroegste na vier weken kunnen zij ook alleen de instelling verlaten, bv. voor een bezoek aan huis of om naar school of werk te gaan.
  • In het gesloten regime kunnen meisjes ten vroegste na vier weken deelnemen aan extramurale activiteiten, jongens na acht weken.

Voordat een jongere kan deelnemen aan extramurale activiteiten zonder begeleiding, formuleert de instelling een uitgaansvoorstel dat aangeeft welke activiteiten en contacten toegelaten zijn. Ook om jongeren voor te bereiden op hun terugkeer naar de maatschappij, om hen iets bij te brengen (ervaringsleren) of om hen te belonen, kunnen ze onder bepaalde voorwaarden deelnemen aan activiteiten buiten de instelling.

Er is een afsprakenkader voor activiteiten buitenshuis. Alle uitzonderingen op gemaakte afspraken worden vooraf aan de jeugdrechter gemeld. Ook deelname aan buitenlandse activiteiten wordt op voorhand voorgesteld. Hetzelfde geldt in een gesloten opvoedingsafdeling voor meerdaagse activiteiten.