Kan een eerder gemaakte keuze van verblijfplaats nog worden aangepast?

​​​​​​Voor kinderen in een jeugdhulpvoorziening is in overleg met alle betrokkenen een onderbouwde keuze gemaakt qua verblijfplaats: gedurende de looptijd van de maatregelen woont elk kind permanent in de voorziening of permanent thuis. Dat verkleint het risico op verspreiding van het coronavirus, door het vermijden van circulatie en contacten tussen verschillende contexten (de zgn. contactbubbels). 

Maar er zijn situaties waarbij kinderen en jongeren nu in een voorziening verblijven omdat hun gezin op het moment van de keuze (nog) niet kon instaan voor de opvang, terwijl de situatie intussen is geëvolueerd. Bijvoorbeeld: 

  • Een ouder kon door professionele activiteiten of kortstondige hospitalisatie niet onmiddellijk zelf instaan voor de opvang van zijn kind, terwijl hij dit nu wel kan. 

  • Voor een kind in de allerlaatste fase van het matchingsproces met zijn toekomstig pleeggezin kan het moment van de pleegplaatsing vervroegd worden als het kind voldoende voorbereid is. 

In dergelijke gevallen zijn eenmalige transfers toegestaan, mits: 

  • Er effectief ingeschat wordt dat een stabiele terugkeer naar huis of pleeggezin mogelijk is; 

  • Het kind en de leden van het gezin waar het kind naartoe gaat geen symptomen van besmetting vertonen; 

  • Er vooraf is overlegd met alle betrokken actoren, in het bijzonder de gemandateerde voorziening (OCJ of VK), sociale dienst jeugdrechtbank en de jeugdrechter; 

  • Bij het ophalen de ouders de voorziening niet betreden en de regels rond social distancing worden gerespecteerd; 

  • De voorziening  instaat voor opvolging en ondersteuning, volgens de eerdere instructies; 

  • Indien de thuissituatie ongunstig evolueert en het thuis onvoldoende veilig is, de voorziening zich engageert om de minderjarige opnieuw op te nemen.  

  • Voor pleegzorg speelt het element van draagkracht mee. Wanneer de draagkracht van het gezin of pleeggezin dit vraagt, kan een regeling naar analogie van co-ouderschap worden afgesproken, weliswaar met zo min mogelijk transfers. 

Bij het overgaan tot een eenmalige transfer, moet rekening worden gehouden met de mogelijkheid dat de maatregelen nog verlengd worden tot na 3 mei.