Hoe moeten voorzieningen omgaan met toename besmettingen COVID-19

Momenteel is er een verhoging van het aantal bevestigde besmettingen met COVID-19 in de samenleving. Om de voorzieningen hiervan maximaal te vrijwaren, zijn verhoogde waakzaamheid en extra alertheid geboden. Belangrijke acties daarbij zijn:

  • een verhoogde waakzaamheid voor personeel, zowel in het respecteren van de algemene veiligheidsmaatregelen, het volgen van de richtlijnen als personeelsleden terugkeren uit vakantie en het laten thuisblijven en testen van zieke medewerkers;
  • het opmaken van een draaiboek tegen 21 augustus 2020;
  • het blijven invullen van de COVID-19-registratie, die essentieel is om de toestand op het terrein op te volgen en de nodige acties op te zetten;
  • het toepassen van handhygiëne bij het betreden en verlaten van de voorziening. Het is belangrijk om de nodige handalcohol en instructies te voorzien bij de in- en uitgang(en);
  • voldoende aandacht besteden voor de omgevingshygiëne, vooral in de gemeenschappelijke ruimtes. Bekijk hiervoor het ondersteunend instructie- en vormingsmateriaal.
  • wat mondmaskers betreft, is het gebruik ervan door personeelsleden die rechtstreekse contacten met bewoners hebben, sterk aanbevolen. Omwille van de wetenschappelijke evidentie dat de kleinste kinderen niet (zo) besmettelijk zijn en dat de leefgroep voor uithuisgeplaatste minderjarigen een thuis is waar ze zich geborgen moeten voelen, wordt deze aanbeveling genuanceerd in de geactualiseerde outbreakrichtlijnen. Dit in functie van het pedagogisch beleid van organisaties, het leefklimaat en de leeftijd van de minderjarigen. Een dergelijke nuancering geldt ook voor bezoeken van contextfiguren aan de voorziening.

Voorlopig is er nog geen terugkeer naar algemene strenge restricties op het zorgaanbod. Doordat er nu meer beschermingsmateriaal is, blijft het de ambitie om de hulp- en dienstverlening maximaal op peil te houden. Toch is het niet uitgesloten dat er, zeker wanneer er lokaal meerdere nieuwe infecties gedetecteerd worden, bijkomende maatregelen moeten worden genomen. Die maatregelen zullen echter maatwerk vereisen, aangepast aan een analyse van de lokale situatie en het risiconiveau. Binnen de Nationale Veiligheidsraad is daarom beslist om een grotere rol toe te kennen aan de lokale besturen. Zo wordt enkel naar situatie 2 geschakeld op aangeven van een lokale overheid (cf. beslissingen Antwerpse provinciale crisiscel d.d. 27/8/20 voor wat de provincie Antwerpen, en meer specifiek het arrondissement Antwerpen betreft).

Meer weten?